'De Culturele identiteit van Vlaanderen en Nederland in taal, traditie en kunst', lezing gehouden door Prof. Dr. Em. Ludo Beheydt, UCL

door A. Van Raemdonck / 26 mei 2019

In zijn lezing beschreef Prof. Beheydt met de hulp van talrijke mooie Power Point illustraties de culturele identitiet van Nederland en Vlaanderen.

Na een korte introductie van de vier kernwaarden die een culturele identiteit bepalen, namelijk een gedeelde taal, een gedeeld verleden, een gedeelde kunst en een gedeelde religie, liet Ludo Beheydt zien hoe deze vier kernwaarden van de Zuidelijke en Noordelijke Nederlanden sinds de Tachtigjarige Oorlog steeds meer uit elkaar begonnen te groeien.
Als voorbeeld vergeleek Beheydt de weergave van het verleden zoals beschreven in de “Nederlandsche Historiën” van P.C. Hooft, met het beeld van het Vlaamse verleden van H. Conscience’s “Leeuw van Vlaanderen”.
Vervolgens werd ingegaan op de grote invloed van de religie op de kunst van de 17de eeuw, een invloed die nog steeds herkenbaar is in de hedendaagse kunst. De calvinistische soberheid van het Noorden was meteen herkenbaar in ‘Het meisje met de parel’ van Johannes Vermeer, en contrasteerde met de bourgondische weelderigheid van het katholieke Zuiden die we konden zien in enkele schilderijen van Pieter Paul Rubens. Als voorbeeld van hedendaagse schilderijen werd de bizarre sensualiteit van ‘Into One-Another to P.P.P.’ van de Vlaamse kunstenaar Berlinde de Bruyckere getoond versus het hyperrealisme van ‘Stilleven’ van de Nederlander Henk Helmantel.
Het Nederlands werd in de 17de eeuw als een kernwaarde beschouwd van de culturele identiteit van de Republiek, terwijl het Zuiden pas sinds de 19de eeuw haar taal als kernwaarde kon beschouwen die dan ook een symboolwaarde kreeg. Tegenwoordig zijn de ANS, het Groene Boekje en de Van Dale een teken van de huidig gedeelde schrijftaal, maar de opkomst van het Poldernederlands en de tussentaal die in Vlaanderen wordt gebruikt, tonen een groeiend verschil in de spreektaal waarvan vervolgens talrijke voorbeelden werden gegeven.
De lezing werd georganiseerd binnen het kader van het vak Nederlandstalige Cultuur van de Universiteit van Barcelona en vond plaats op 7 mei in de Officiële Talenschool, EOI. Studenten van beide instellingen en andere geïnteresseerden voor de Nederlandstalige cultuur namen deel aan deze heel leerrijke en boeiende lezing die eindigde met enkele vragen en commentaar van het publiek.